Blue
Note - The Blue Note Years (Blue Note)
Blue Note is zonder twijfel
een van de meest aansprekende platenlabels die de jazzgeschiedenis kent.
Precies zestig jaar geleden werd het maatschappijtje opgericht door de
Duitse emigrant Alfred Lion, die ,,de compromisloze expressie van hot jazz
en swing'' wilde dienen. Twee jaar later voegde zijn jeugdvriend, de op
het nippertje aan de holocaust ontsnapte joodse fotograaf Frank Wolff zich
bij Lion in New York en begon een succesverhaal. Blue Note onderscheidde
zich door de muzikale keuzes en door de typische vormgeving van de hoezen,
die beide tijdgeest van dat moment uitstraalden. Met de hippe bebopvernieuwers
als Thelonious Monk, Miles Davis, Max Roach en Dizzy Gillespie, later de
hardboppers als Art Blakey, Sonny Rollins en Hank Mobley, en toen en weer
veel later al die vele andere top-artiesten, was Blue Note voortdurend
trendsettend.
Het zestigjarig jubileum
wordt gevierd door onder meer een speciale uitgave van zeven dubbel-cd's
die prachtig vormgegeven zijn verpakt in een elpee-grote maar veel dikkere
doos: The Blue Note Years. Een fraai boekwerk met veel foto's completeert
de uitgave.
Die in totaal veertien albums
volgen enigszins chronologisch op elkaar maar zijn binnen de tijdslijn
ook thematisch opgezet. Parallelle ontwikkelingen zijn vakkundig naast
elkaar gezet.
Het eerste album Boogie,
Blues and Bop opent met een track uit Lions allereerste opnamen van
Albert Ammons. Een historisch, ook wat geluid betreft, goed geconserveerde
schat. De dubbel-cd overbrugt meteen een periode van ruin vijftien jaar,
en dat is vooral opmerkelijk als we zien dat later jaren maar liefst vier
cd's gebruikt worden om de periode 1963-'67 te documenteren.
Het voert te ver om daar
hier al te uitgebreid op in te gaan, maar de samenstellers van de jubileum-uitgave
hebben er kennelijk - en terecht - op willen toezien dat de naam van het
label niet uitsluitend aan traditie wordt gekoppeld, maar ook aan de vernieuwingsgolf
die in de jaren zestig zich afspeelde. Want na de bebop en hardbop, die
bijna per definitie des Blue Notes is, heeft het label ook al die muzikanten
opgenomen die eind jaren zestig ofwel in de avant-garde toonaangevend werden
of in de rockjazz nieuwe trends zette. Van John Coltrane, Eric Dolphy en
Cecil Taylor, tot aan Wayne Shorter, Herbie Hancock, Tony Williams en Miles
Davis.
Tussen die twee periodes
ligt het accent vooral op de souljazz; de muziek van Cannonball Adderley
en vooral Art Blakey: the jazzmessage. Blakey's (en Horace Silver's) Jazz
Messengers zijn bij uitstek een product van Lion en Wolf.
In 1967 besloot Alfred Lion
zich wegens gezondheidsproblemen terug te trekken en vier jaar later overleed
Francis Wolff. Het betekende een windstilte, die pas in 1985 werd doorbroken
toen de nieuwe eigenaar EMI producer Bruce Lundvall inhuurde om nieuw leven
in het roemruchte merk te blazen. Hij contracteerde jonge vocalisten (van
Bobby McFerrin tot onze eigen Denise Jannah) en hij concentreert zich op
een stijl die een vitalisering van de bebop genoemd mag worden. Het opvallende
is dat hij daarmee zowel de nieuwe avant-garde als de hippe conservatieven
aan zich bindt.
Met een zangeres als Cassandra
Wilson komen eigentijdse instrumentalisten als saxofonist Gregg Osby en
gitarist Brandon Ross binnen, en met hippe mainstream-pianisten als Jackie
Terrasson en Gonzales Rubalcaba komen bijzondere mensen als altist Kenny
Garrett of bassist Charlie Haden mee. Alles loopt nu ineens door elkaar.
Stijlen tellen niet meer; wederzijds respect en begrip zijn voldoende om
musici samen te brengen. En uitgerekend op Blue Note lukt dat wonderbaarlijk
goed. Een teken dat het label na zestig jaar nog steeds een toonaangevende
rol speelt in het documenteren van ,,de compromisloze expressie van jazz''.
©
Jan Rensen, 12 maart 1999