Tenorsaxofonist Gary Thomas maakte
in het vorige decennium enige tijd deel uit van zowel het Dave Holland
Quintet als Jack DeJohnette's Special Edition. Dat waren twee groepen die
veel met elkaar gemeen hadden. Bassist Dave Holland en drummer DeJohnette
kennen elkaar bijzonder goed (ze debuteerden beiden min of meer in de vroege
jazzrock-bands van Miles Davis) en speelden tot op heden geregeld met elkaar
in uiteenlopende formaties. En kennelijk hebben ze vanuit hun ervaring
als ritme-tandem een gezamenlijke visie ontwikkeld die ze ieder in hun
eigen formaties verder uitwerkten. Kort samengevat komt die erop neer dat
de arrangementen zijn gedacht vanuit een vrije ritmische structuur, waaraan
evenwel een zeer strak metrum ten grondslag ligt. Dat metrum is nooit expliciet
hoorbaar maar er is op geen enkele manier aan te ontkomen.
Sterker dan bij Holland (waar doorgaans
Marvin 'Smitty' Smith de drummer was) dirigeerde DeJohnette dan vanachter
zijn slagwerk dan zijn band; alsof de blazers de verlengstukken waren van
zijn stokken, schoven polyritmische melodieën over elkaar heen.
Gary Thomas (die ook al voor het
eerst opviel in de band van Miles) heeft dit concept nu geadopteerd,
zoals hij laat horen op de prachtige cd Pariah's Pariah (W&W is een
speciale van ENJA afgescheiden serie luxe uitgevoerde cd's die wat prijziger
zijn maar doorgaans zeer de moeite waard). Thomas vormt de melodie-sectie
met altist Greg Osby, die ook met zowel DeJohnette als Holland werkte,
en laat zich leiden door bassist Michael Formanek en drummer John Arnold.
De opzet van elk werk op de cd is
min of meer dezelfde. Een krachtige melodielijn (soms unisono, dan weer
tweestemmig) zet het kader. De bas pikt de melodie op en omspeelt die en
het metrum, de drums leggen daar een voortdurend variërend ritmisch
patroon overheen. De beide saxofonisten soleren reagerend op de drums,
binnen het harmonisch kader van de melodie, waarmee ze weer aansluiting
vinden bij de bas.
Zo ontstaat een volmaakte cirkel
waarin vrijer geopereerd wordt dan ooit in de freejazz geschiedde, maar
die zo'n logica in zich heeft dat de vrijheid niet chaotisch of vervreemdend
werkt. Sterker, de aantrekkelijke cadans van de muziek trekt de luisteraar
mee in onvoorspelbare melodische avonturen, waarin geïsoleerde noten
en flarden van melodieën soms meer suggereren dan er werkelijk wordt
gespeeld. Muziek die helder en concreet is en toch van alles overlaat aan
het voorstellingsvermogen van de luisteraar: perfectere jazz bestaat er
denk ik niet.
Inmiddels heeft Dave Holland zelf
ook weer een nieuwe cd gemaakt, Points of View, waarop uiteraard met hetzelfde
concept wordt gespeeld. Holland had met twee saxen plus trombone of trompet
altijd een iets dominantere melodie-sectie. Nu heeft hij een van de saxen
vervangen door een vibrafoon/marimba (Steve Nelson) waardoor het evenwicht
helderder is en de muziek kleurrijker. Trombonist Robin Eubanks en saxofonist
Steve Wilson hebben dezelfde rol als de twee blazers in Thomas' kwartet.
Enige nadeel in de muziek van Holland is dat bas en drums, die al zo'n
prominente rol hebben, ook nog eens soloruimte krijgen toegemeten, die
aandoen als overbodige onderbrekingen, verstoringen van de overigens ook
hier aanwezige magische cadans.
Dave Holland was met zijn groep
op het laatste North Sea Jazz Festival; een uitzondering want de laatste
jaren speelde hij bijna uitsluitend in formaties van anderen. Ook Jack
DeJohnette accepteert hoofdzakelijk nog uitnodigingen om in andermans bandjes
te spelen (en die steevast naar een hoger niveau te tillen). Het is te
hopen dat Gary Thomas (en allicht Greg Osby) hen stimuleert meer met hun
eigen idee bezig te gaan, nu blijkt dat er school gemaakt kan worden.
©
Jan Rensen, 30 juli 1998