Twee leerlingen van de onvergetelijke
Wim Overgaauw lieten recent een nieuwe cd het licht zien. Van Martijn van
Iterson kwam het album It's Happening uit, en Jesse van Ruller maakte Herbs,
fruits, balms and spices. Zelden zullen twee platentitels zo duidelijk
hebben aangegeven wat het verschil tussen beide producties is. Van Iterson
zegt in zijn muziek:
hier ben ik, dit ben ik, en mijn
spel mag er wezen. Van Ruller zegt: er is zoveel lekkers in deze wereld,
zoveel moois waarvanik er dankbaar gebruik wil maken om mijn eigen stekkie
te vinden. Daaruit zou geconcludeerd kunnen worden dat de cd van een zoekende
Van Ruller wel minder interessant zal zijn dan dievan de zelfverzekerde
Van Iterson, maar zo simpel ligt het niet. Temeer niet omdat persoonlijke
smaak in vele gevallen ook nog een belangrijke rol speelt.
Dat laatste geldt wat mij betreft
vooral voor It's Happening. Van Iterson demonstreert een muzikale opvatting
die mij weinig doet. Hij speelt op het eerste gehoor wat dromerige melodieën,
extra aangezet door wollige synthesizer-klanken. Ikschrijf hier 'op het
eerste gehoor' omdat je - als je wat beter luistert - wel degelijk de concentratie
van de gitarist, zijn vaardigheid, zijn toewijding en intensiteit kunt
horen. Ook die van de musici die hij bij de opnamen uitnodigde, onder wie
collega-gitarist Peter Tiehuis, pianist Karel Boehlee (op fender rhodes),
bassist Theo de Jong en vooral de als altijd weer voortreffelijke saxofonist
Toon Roos.
Maar anderszins blijft hetgeen ik
op het eerste gehoor hoorde, ook bij het tweede en derde gehoor bestaan.
Een emotie die ik niet deel met de musici. Jesse van Rullers cd is een
heel ander verhaal. Vooral doordat elk van de tien stukken zijn eigen karakter
heeft. De mix van invloeden uit alle windstreken is even groot als de variëteit
van passie, swing, fascinerende arrangementen, spanning, rustieke momenten,
het is er allemaal. Van Ruller zoekt niet maar vindt in alle muziek die
er bestaat iets van zijn gading, iets dat hij in zijn eigen idioom kan
inpassen.
Uiteraard zijn de bezettingen even
verschillend; van trio's (met bassist Frans van Geest en drummer Martijn
Vink) uitlopend tot kwartetten met saxofonist Jan Menu en een kwintet met
trompettist Angelo Verploegen, tot en met een bandoneon en drie bata-drums
domineren. Argentijnse, Afrikaans en Europese elementen vormen een even
spannend als natuurlijk geheel met elkaar. Balms & Spices is de titel
van deze compositie, maar die heeft enige beperking in zich. Dit stuk is
meer dan lekker geuren en kruidige smaken. Maar het is lastig om onder
woorden te brengen wat het dan wel is. Het is muziek die niets te maken
heeft met iets dat niet muzikaal is. Het is eigenlijk een prachtige ode
aan het fenomeen muziek zelf.
©
Jan Rensen, 16 juli 1998