Mark
Alban Loz / Lotz of Music - Havana - Blues for Yemayá (VIA Jazz)
Michael Baird / Utrecht
Deep Artment - Sirenians (Sharp
Wood Productions)
De ruim een jaar geleden
verschenen dubbel-cd Batá Drums/Le Coq Rouge van de formatie Lotz
of Music was ten dele een prachtige ontmoeting tussen verschillende culturen,
waaronder die van de westerse jazz en Caribische stijlen. Dat werd ook
internationaal zo gezien, want naar aanleiding van het album werd de groep
onder meer uitgenodigd voor het Percuba Festival in Havana. En dat was
uiteindelijk weer de aanleiding voor de opname van Blues for Yemayá.
Om maar met de conclusie
te beginnen: de cd is een pareltje in mijn verzameling. De leider van de
groep, fluitist Mark Alban Lotz is er opnieuw in geslaagd, maar nu met
medewerking van de allerbeste Cubaanse musici, een muzikale vorm te vinden
waarin jazz en son evenredig zijn vertegenwoordigd maar elkaar noch in
de eg zitten, noch tot een fantasieloos soepje fuseren.
De cd bevat Ancient African
Yoruba Song' uit de religieuze Santeria-stroming die vooral op Cuba
levendig is gebleven. Lotz of Music (met onder anderen basklarinettist
en saxofonist Maarten Ornstein - met hem erbij kan een plaat al haast niet
meer stuk - en drummer Stefan Kruger) en de Cuban Folklore Ensemble onder
leiding van zanger/percussionist Campos Martinez (uitsluitend zang en percussie,
door musici die hun roem vergaarden in fameuze formaties als Irakere en
Clavé y Guaguamco) bieden als het ware hun eigen interpretatie,
maar dan zodanig dat ze op elkaar passen.
Dat levert muziek op die
de passie heeft van religieuze liederen, de authentieke swing van Caribische
traditie, de stevigheid van jazz en de oorspronkelijke aantrekkelijkheid
van de mix van dat alles.
Mark Alban Lotz, van oorsprong
een Duits musicus die na zij conservatoriumstudie in Utrecht is blijven
wonen, is ook te horen op Sirenians van Utrecht Deep Artment (Sharp
Wood Productions) tel: 030-2318339), een initiatief van drummer Michael
Baird, die ook het SWP-laber beheert. Het gaat om een buitengewoon internationaal
gezelschap (afkomstig uit Engeland, Griekenland, Canada, Duitsland en Nederland),
waarvan de leden allemaal in de Domstad wonen.
De achtkoppige formatie
maakt nogal experimentele muziek, die evenwel steeds voortkomt of terugvalt
in herkenbare en aansprekende thema's. Dominant is de zang van de Janice
Jackson (nee, deze komt uit Canada)
en de saxofoon van Paul
Weiling; die een stilistische veelzijdigheid toont die zich niet alleen
knap maar ook buitengewoon eerlijk en integer laat aanhoren.
Alle composities zijn geschreven
door Baird (die samen met Nikos Tsilojannis de dubbele ritmesectie vormt
van het octet) en worden in belangrijke makte geschraagd door de bas
van Tjitze Vogel. Die heeft ook een geluid en een manier van spelen die
een componist daartoe uitdaagt en het tegelijk makkelijk maakt. Solide
en avontuurlijk tegelijk, en bovendien altijd spatzuiver ook in de laagste
registers. Zijn basis is haast monumentaal, alles wat daarop wordt gebouwd
staat onwrikbaar.
Maar dat zijn alle andere
liedjes ook, ook als de bas even niet hoeft mee te doen. Want Baird gebruikt
het octet als een reservoir waaruit vrijelijk te putten is. Soms een viertal,
dan weer een solo, duetten; voortdurend boeiend en afwisselend.
©
Jan Rensen, 31 december 1998