Saxofonist
Leo van Oostrom speelde vroeger in groepen van bijvoorbeeld Loek Dikker
en Theo Loevendie een tamelijk prominente rol in de vaderlandse jazz. De
laatste jaren is hij zich meer dan voorheen gaan toeleggen op de vertolking
van moderne gecomponeerde muziek en van de vooroorlogse salonmuziek die
speciaal voor saxofoongroepen werd geschreven.
Het
is een vreugde hem weer eens in een echte jazz-omgeving te horen. Op sopraan
en alt is hij de enige blazer in de Ben Gerritsen Band. De leider speelt
zelf vibrafoon en marimba, en verder zijn op B.I.B. pianist Willem
Kuhne, bassist Wim Essed en drummer Arnoud Gerritse te vinden. Vooral de
combinatie van vibrafoon en piano is op voorhand bijzonder en gewaagd.
Maar anders dan in veel voorgaande projecten van Gerritsen pakt het op
dit album fraai uit.
In
het eerste nummer (in een wat Afrikaanse sfeer) lijken de musici elkaar
nog wat af te tasten maar in de ballad Holydays is er een boeiend duet
tussen piano en vibrafoon, deels unisono, deels als basis voor de uitwaaierende
melodielijn van Van Oostrom, maar soms ook elkaar aftroevend of zelfs de
pas afsnijdend zonder dat er echte ongelukken gebeuren. Dat zal mede te
maken hebben met het strakke ritmische regime waaraan ook de kemphanen
niet kunnen ontkomen. Een lekker plaat is het resultaat.
De
Utrechtse fluitist Jeroen Pek heeft een mooie band bij elkaar. Met zijn
vertrouwde maatje en trompettist Bart Lochs, pianist Jeroen van Vliet (leerling
van Willem Kuhne), bassist Wiro Mahieu en drummer Pieter Bast vormt hij
een kwintet dat zijn ietwat romantische muziek gepast kan neerzetten. Die
romantiek zit hem vooral in de door Pek of Lochs zelf geschreven composities;
elke melodie is rond en vriendelijk. In de uitvoeringen wordt er in de
meeste gevallen wel wat avontuurlijker te werk gegaan. Vooral Jeroen van
Vliet is een durfal die niet alleen in zijn eigen solo's het randje opzoekt
maar in zijn begeleiding ook andere solisten voortdurend uitdaagt. In My
Hammock is niettemin een uiterst toegankelijke cd, waarop aantrekkelijke
swing met nu en dan een latin sausje overheerst.
Bassist
Wiro Mahieu is ook te vinden op Halloween Time van pianist Rob van den
Broeck and Friends. Die vriendjes zijn verder de Duitse saxofonist Gert
Dudek en de Britse drummer Tony Levin. Van Mahieu valt op dat hij in beide
settings even solide als helder speelt, met een zuivere, donkere toon.
Maar de muziek van beide orkestjes is totaal verschillend. Vooral onder
invloed van Dudek wordt veel meer gespeeld in de traditie van het fameuze
John Coltrane Quintet. Van den Broeck speelt op dit album als een pianist
uit die tijd; niet echt als McCoy Tyner van dat Coltrane-groepje (hoewel
soms even krachtig) maar meer zoals een jonge Chick Corea. Vooral in Tunes
from the Other World is die associatie sterk.
In
de stukken waarin Dudek sopraan speelt slaat de stemming overigens flink
om. Opvallend is dat, omdat juist op dat instrument Coltrane zo moeilijk
te vermijden is. Maar het is Van den Broeck die dan een andere toon aanslaat.
Met hedendaagse accoorden wordt een merkwaardige, haast impressionistische
sfeer neergezet. Intrigerend, spannend en vooral ook heel mooi.
©
Jan Rensen, 15 juli 1999